Posts tonen met het label Nomaden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Nomaden. Alle posts tonen

dinsdag 25 februari 2014

De Draavallei

De Draavallei ligt aan de bovenloop van de Draa en kenmerkt zich door een ketting van oases met woestijn ertussen. De groene band die de oases om de Draa vormen is soms tot 10 km breed. Maar het komt ook voor dat er alleen een droge zanderige bedding is met hier en daar acacia’s en bosjes tamarisken. Het is een wonderschoon gebied dat landschappelijk verrassend afwisselend is. Agdz, Zagora, Tamegroute en Tagounit zijn de belangrijkste plaatsen. In hun lange geschiedenis vielen de oases soms onder één gezag, maar meestal bestreden ze elkaar. Altijd waren ze echter belangrijke schakels in de Trans Sahara handelsroute. Bij M’Hamid was bijvoorbeeld het ‘douane kantoor’ waar het goudpoeder aankwam en munten werden geslagen. De vele Ksars die in de loop van de eeuwen gebouwd waren, werden focuspunten waar de boeren bescherming zochten tegen aanvallen van de nomadenstammen. Ze betaalden er duur voor met land. Zo verviel veel vruchtbaar land van de families die het bewerkten in handen van heersers die zich er hadden gevestigd. Daar is pas in de 20ste eeuw een einde aan gekomen. Het belangrijkste voedsel en de meest complete voedingsbron voor onderweg in de woestijn zijn dadels. De Draavallei wordt daarom ook wel de dadelmand van Marokko genoemd. Er groeien meer dan 18 soorten. Verder wordt er in de oases veel groenten en fruit geproduceerd en henna. Op de tekening is het uitzicht te zien over de oase bij Agdz vanuit de Kasba Des Arts(19)

maandag 13 januari 2014

De Kameel oftewel Dromedaris

De dromedaris is een één bultige kameel. Door hun bijzondere eigenschappen kunnen deze dieren het lang zonder water en voeder uithouden in de zeer hete woestijn. In tegenstelling tot wat ik altijd dacht, slaat de kameel het vocht niet op in de bult maar in de maag. In de bult zit het vet dat hem niet alleen in leven houdt, maar dat ook als airco dienst doet. De kameel kan in één keer enorm veel drinken en eten, maar zal een enkele plant of boom nooit kaal vreten. Op de tekening eten ze van de acacia of, zoals Mohammed de Chauffeur hem noemde: Spike Tree vanwege de scherpe stekels. Het dier werd al vanaf 4000 v C als lastdier in Arabië gebruikt en is vandaar uit via de zuidkant van de Sahara in Marokko gekomen. Als kuddedier functioneerde de kameel heel goed in de karavanen. Waar wel honderden kamelen tegelijk de waren vervoerden over de handelsroutes door de Sahara. De levens van de Berbernomaden en de kameel zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden ondanks de opkomst van de auto en vrachtwagen. De kamelen vervoeren nog steeds de tenten en huisraad van de nomaden op de eeuwige trek tussen bergweiden en laagvlakte. Tegenwoordig spelen ze een belangrijke rol in de toeristenindustrie als exotisch rijdier. Als je eenmaal vanuit Marrakesh de Hoge Atlas en de Anti Atlas bent overgestoken zie je ze overal. (26/31)

vrijdag 10 januari 2014

Nomaden en Bedoeïen

Nomaden zijn Berbers die met hun kuddes rondtrekken. Ze wonen in grote tenten van geitenhaar. In de zomer hoedden zij de schapen en geiten op de groene bergweiden van de Hoge Atlas. Als het winter wordt en de sneeuw valt, dalen ze af naar de steppen waar inmiddels de uitloop van de regen in de hoger gelegen gebieden zou hebben moeten zorgen voor graasvoer. Toen wij door de Dades reden, kruisten nomaden met hun hele hebben en houden onze weg. Zij kwamen uit de Hoge Atlas waar de eerste sneeuw was gevallen. Bedoeïen zijn in theorie Arabieren die rondtrekken op zoek naar voer en drinken voor hun geiten en kamelen. Ik ben er niet achter gekomen wie die bedoeïen in Marokko nu precies zijn. Bij de nomaden en bedoeïen zijn stam- en familieverbanden nog steeds heel belangrijk en bepalen de hele leefomgeving en tradities.De nomaden en bedoeïen van Tamagroute houden zich vooral bezig met het organiseren en begeleiden van toeristische trektochten op kamelen door de zandduinen van Tinfou aan het einde van de Draavallei. (24)

dinsdag 31 december 2013

In de Kasba van Tamagroute

Hassan stond klaar om toeristen rond te leiden toen wij in hartje Tamagroute aankwamen. Hij wilde ons de Kasba laten zien: de oude stad die gebouwd was als één enkel gebouw met straten als gangen en huizen als kamers. Zoals alle Kasba’s was ook deze opgetrokken uit leem. Hassan sprak met ons in toeristen Engels dat hij zichzelf had aangeleerd. Thuis sprak hij Berber en zoals alle Marokkanen die wij tegenkwamen, sprak hij een mond vol Frans. Hij was naar eigen zeggen niet naar school geweest. Daarom was hij het Arabisch niet machtig. Lopend door de Kasba vertelde hij dat het weliswaar één geheel leek, maar in werkelijkheid opgedeeld was in vier delen. In ieder deel woonde één bevolkingsgroep: Berbers, Arabieren, Nomaden en Bedoeïenen. Het klonk als een paradox: nomaden waren toch Berbers en Bedoeïenen, Arabieren. Zijn Engels was niet goed genoeg om uitsluitsel te geven: ‘We zoeken het op!’ Hassan, als Berber, woonde in het Berber deel. Uiterlijk zag hij er eerder zwart Afrikaans dan Berber uit. Alweer zo’n schijnbare tegenstelling. (35)